Blog
 

Wandelen met Michiel - Tiengemeten

Wandelen met Michiel - Tiengemeten

 

Ruige kruiden met Hooglanderflatsen

Een paar minuten voor tien kom ik aangescheurd in het haventje van Nieuwendijk. Net op tijd voor de eerste boot naar het eiland Tiengemeten: het pontje staat op het punt uit te varen, afgeladen vol op deze zondagmorgen. We varen het Vuile Gat op: zo heet dit water van Het Haringvliet tussen Tiengemeten en Zuid-Beijerland, niet ver van Rotterdam. Er wordt omgeroepen dat we meteen in de natuur zijn: een omgeknaagd boompje wijst op een beverbewoning en vorige week is hier de zeearend gezien. Verrekijkers worden aan ogen gezet. Er staat een straffe wind op het Vuile Gat. De zon probeert tevergeefs door de wolken te breken. In de haven van Tiengemeten staat een huifkar met trekker klaar.

 

'Het pad is voor luie mensen'

Een medewerker van Natuurmonumenten deelt een plattegrond van het eiland uit, inclusief reclame voor het pannekoekenhuis, het bezoekerscentrum, het Rienpoortvlietmuseum, het Landbouwmuseum en het kindernatuurspeelpark. Allemaal hier in de voormalige boerderijen pal bij de haven. De blauwe wandelroute op de kaart heeft dezelfde heen- en terugweg. “Mag ik ook van het pad af, ten zuiden van het eiland de route teruglopen?”, vraag ik aan de mijnheer van Natuurmonumenten. “Dat mag, het pad is voor luie mensen.”

 

Ik loop het toeristische gehucht uit, eerst maar eens via het officiële pad, in westelijke richting. Op Tiengemeten heerst de wind, sinds eind zestiende eeuw: toen vielen wat slijkplaten in het Haringvliet droog. Die groeiden uit tot zo’n tien ‘gemeten’, oftewel vijf hectaren. Vanaf de achttiende eeuw werden er flinke nieuwe stukken ingepolderd, totdat het zijn huidige omvang kreeg, een eiland van ongeveer zeven kilometer lang en twee kilometer breed. In de twintigste eeuw waren er plannen om het bij Rotterdam te trekken, een vliegveld aan te leggen, een kerncentrale te bouwen en vervuild slib te storten. Het werd uiteindelijk nieuwe natuur. Daarvoor moesten de boeren, die hier eeuwenlang graan, aardappels en bieten verbouwden, van het eiland af, vond Natuurmonumenten: de laatste boer vertrok in 2007. Om te eten van het landschap, zullen we het hier dus écht van de natuur moeten hebben.

 

Opstijgende leeuwerik

Ik loop de kaarsrechte grindweg in westelijke richting af. Links uitzicht over plassen met kale prairie-achtige weides en hier en daar een roodbruine Hooglander. Rechts kijk je tegen de dijk op Deltahoogte aan. De madeliefjes houden hun kopjes gesloten. Op het pad Hooglanderflatsen en ganzenpoep. Dan....wat hoor ik? Een leeuwerik, of toch niet? Wel ruziënde zwanen, de ene slanke, witte man verjaagt de ander met gierende wieken. Ja, nu hoor ik het echt, een leeuwerik. Ik tuur rond in de lucht. Nu zie ik hem, een stijgend stipje. Tegen de wind in, steeds een onzichtbare traptrede hoger, zo lijkt het. Ik kan er niks aan doen, maar wordt altijd blij, opgetogen en melancholisch van een twinkelerende leeuwerik. En hoor dan muziek: The Lark Ascending (De stijgende leeuwerik), van William Vaughan, niet voor niks door de Britten ooit verkozen als mooiste klassieke muziekstuk. Jubelend opstijgende muziek.

 

Koningin der eetbare bloemen

Op de dijk aan de westzijde van het eiland staat een bordje dat zegt dat ik een lus moet lopen en dan via dezelfde weg terug. Ik wil terug via de zuidzijde van het eiland, maar het bordje vertelt dat dat niet kan, want dan loop je tegen een gat in de dijk aan. Oeps. Ik houd niet van dezelfde weg teruglopen. Enfin, ik ga vooralsnog de dijk af bij een houten bruggetje over een kreekje met massa’s watermunt. Ik strijk langs het blad: ha wat een heerlijke verfrissende geur! Bij het plukken van de munt zak ik weg in het natte slib. Voor de rest van de dag heb ik een natte rechtervoet.

 

Steeds meer vlieren, in boomvorm. Meestal zijn vlieren struiken, maar hier echt bomen: een stammetje met een kroon, waarschijnlijk omdat de Hooglanders het onderste blad hebben weggevreten. Zij liever dan ik, want het blad stinkt. De crèmewitte bloemen ruiken des te lekkerder: eindelijk, we hebben er dit jaar extreem lang op moeten wachten, maar sinds een paar dagen is het begonnen: de vlier bloeit, pluk de vlier!

 

De koningin der eetbare bloemen, enorm veelzijdig toepasbaar, heilzaam wonderkruid, omgeven met vele verhalen en legenden, van Vrouw Holle tot Floris Flierefluit. Zakken vol plukken zit er nog niet in, want veel schermen zitten nog in de knop. Maar ik kan genoeg meenemen om straks thuis lekkere vlierbloesemsiroop van te maken of samen met de watermunt gebruiken voor een heerlijk frisse vlierbloesemsorbet.

 

De buitendijkse route slingert zich nu door een breed graspad tussen een manshoge plantenzee van nog lang niet bloeiende guldenroede. Wel af en toe toefjes geel bloeiende mosterd: pittig smakelijk. Overgebleven uit de landbouwtijd, vermoedelijk. Bovenop een heuveltje weids uitzicht over eiland en water. Een tijdje is er niemand. Alleen het vermoeden van mensen, in hun zeilbootjes op het Haringvliet.

 

Kreken en orchideeen

Ik heb geen zin om het officiële pad terug te nemen en probeer de kale prairie midden op het eiland door te steken. Al snel loop ik tegen een kreek aan, te breed om er overheen te gaan. Nog meer kreken dwingen me terug in de richting van de officiële route op de dijk. Mopper, mopper. Tot ik plotseling een orchidee zie, met z’n toorts van paarse bloemetjes en z’n spitse opstaande bladeren. En nog een paar. De natuur herstelt blijkbaar snel van de voormalige overbemesting. Orchideeën vinden te veel mest niet fijn, vandaar dat ze in Nederland zeldzaam zijn geworden. Ik herinner me dat iemand mee eens schertsend vroeg: ‘Wanneer schrijf je een kookboek met zeldzame wilde planten?’ Iets zegt mij dat een orchidee niet lekker is. Ik probeer het maar niet.

 

Terug op de officiële route loop ik een gestage stroom wandelaars tegemoet, meestal een verrekijker om de hals. Moeder en volwassen zoon houden halt langs de route: zoon moet plassen, met de wind mee. Ik ga de dijk af en loop buitendijks verder: toch van het pad af, al loopt dat een paar meter hoger evenwijdig met me mee. Kreekjes met massa’s watermunt, bloeiende rode klaver en boterbloemen. Langs de rand van het Vuile-Gat-water wuift bloeiende valeriaan: probaat kalmeringsmiddel. Alleen al door er naar te kijken. De leeuwerik twinkeleert alweer of nog steeds. Twee leeuweriken!

Te hooi en te gras

In de nederzetting bij de haven joelen de kinderen in het natuurspeelpark, komt de volgeladen huifkar terug van zijn rondrit en ruikt het naar pannenkoeken. De tijd die rest tot de volgende boot, ga ik het Rien Poortvlietmuseum in. Als kind zat ik in de boeken van deze inmiddels overleden tekenaar te bladeren: raak getroffen boeren, reeën, boerderijen, paarden en niet te vergeten kabouters. Elk zaaltje is middels tekeningen van Poortvliet gewijd aan een van zijn boeken. ‘Te hooi en te gras’ is een feest der herkenning. De plaatjes uit dat boek en nu in dit museum overlappen met mijn werkelijkheid uit de jaren zeventig van opa en oma op de boerderij in de Achterhoek. Die manier van neus snuiten, sigaar roken, over een akker kijken, een kalf ter wereld helpen: precies opa. Later op de universiteit maakte ik aan de hand van ‘Te hooi en te gras’ nog eens een werkstuk over de teloorgang van de Nederlandse landbouw. Zoals hier op Tiengemeten de landbouw in musea is gestopt. Terwijl een mens toch moet eten. En het alleen op vlierbloesem en watermunt zwaar overleven is. Wat akkers met oude granen (zonder overbemesting en gifgebruik) en flinke hagen, hoogstambomen, voedselbossen, plukweides: daar zou die kale pannenkoek, die Tiengemeten toch grotendeels is, landschappelijk ook nog eens flink van opknappen. Voedsel verbouwen kan best samengaan met leeuwerik en wilde orchidee, blijkt uit ons eigen landbouwverleden. Ach, de mode in de natuurbescherming zal vast wel weer eens in die richting waaien, realiseer ik me, als op de boot naar de wal de zon eindelijk door de wolken breekt.

 
9 juni 2013
vorige blog: wandelen-met-michiel-drentsche-aa
volgende blog: wandelen-met-michiel-naardermeer
 

Blijf op de hoogte van nieuwe blogs
Ik wil graag via e-mail op de hoogte gehouden worden wanneer er een nieuw blog geschreven is.
Naam:
Email address:
E-mailadres: