Blog
 

Wandelen met Michiel - Oerlekker Twents herfstlandschap

Wandelen met Michiel - Oerlekker Twents herfstlandschap

 

Een jamsessie

Na de rooms-katholieke kerk in het Noord-Oost-Twentse dorpje Vasse sla je links af en via nog een paar afslagen slingert de weg tussen weilanden, essen, houtwallen, oude boerderijen, lanen en nog half bebladerde bossen. Het slingert niet alleen van links naar rechts, maar ook omhoog en omlaag: de heuvels maken het hier extra bijzonder.

 

De wandeling start bij de Molen van Frans, een achttiende-eeuwse watermolen. Het water van de Mosbeek klatert langs het waterrad tussen de bomen door, de laarzen van de deelnemers gaan aan. Het is de tweede keer dit jaar dat ik hier een ‘jamsessie’ ga doen, georganiseerd door Landschap Overijssel in het kader van het project Oerlekker Twents Landschap. Samen met ondernemers uit de streek worden daarbij producten uit de streek gepromoot. Niet alleen omdat ze lekker zijn, maar ook omdat ze een verhaal over het Twentse landschap vertellen en daarmee de waardering voor dat landschap helpen versterken. Zo wordt sinds een aantal jaren in deze buurt weer Sint Jansrogge verbouwd: vroeger een normaal gewas op de arme zandgronden van Oost-Nederland.

 

Behalve dat die rogge voor meer variatie in het landschap zorgt, smaakt het prima: Herberg Droste’s, vlak buiten Tubbergen, bakt van het meel brood dat de gasten als Sint Jans Bol op tafel krijgen. Behalve brood, valt er ook ander lekkers van de Sint Jansrogge te maken, zullen we straks in de keuken van Droste's merken.

 

Grillige paddenstoelen

Maar - vroeg Landschap Overijssel zich af - kunnen we ook niet van alles uit de natuur halen om de aantrekkingskracht van de streek nog wat te vergroten? Dat kan heel goed, bleek dit voorjaar toen ik hier ook al rondliep. Herbergier Harald Droste en zijn chef-kok Hans ter Huurne zijn nu ook weer van de partij, evenals verschillende andere ondernemers waaronder een beginnende lokale bierbrouwer. Dit keer gaan we op zoek naar vooral bessen en paddenstoelen, is de bedoeling. De verwachtingen zijn hoog gespannen, vooral over die paddenstoelen.

Maar niets zo grillig als paddenstoelen. In allerlei opzichten: met hun soms gênante, wulpse uiterlijk, maar ook hun verschijnen en verdwijnen. De meeste paddenstoelen houden van vochtig weer na afloop van warmte, vandaar dat de nazomer de paddenstoelentoptijd is. Plotseling zijn ze daar met hun spierwitte, bruine, gele, paarse zwarte of rode hoeden, stelen, schijven of andere uitstulpingen. Om na een paar dagen later vaak al weer te vergaan, zwart, sponzig en slijmerig. Maar als je dan een stel stevige verse eekhoornbroden vindt, met hun corpulente buiken en statige hoeden, dan héb je ook wat smakelijks te pakken. De hoop van de kok is dáár op gevestigd.

 

Mini-appeltjes

Aan lijsterbessen in ieder geval geen gebrek, hier in het Dal van de Mosbeek, pal aan de Duitse grens. Als felle rood-oranje vlekken in het landschap kondigen ze zich aan. Van heel dichtbij bekeken zijn het net mini-appeltjes: niet zo gek dat ze zich in compotes goed laten combineren met ware appels.

 

Nog meer rood onder de berken langs het zandpad: ondanks hun clichématige rood-met-witte stippen ontlokken de vliegenzwammen altijd weer oprechte ‘ooh’s!’ en ‘aah’s!’ van bewondering. Niet eten, tenzij je als ware sjamaan graag in contact wilt treden met je vooroudergeesten of in levende lijve kabouters wilt ontmoeten. Om de herfstidylle nog wat te versterken, rijden over een zandpad onder aan de heuvel een paar koetsjes, voortgetrokken door koppels fiere Friese paarden.

Hoog in de bomen hangen nog wat bellen van de hop.

 

Gat in de markt

De biermaker in ons gezelschap vertelt dat hij ons straks zal laten proeven van zijn zelf gebrouwen bier, met hop uit eigen tuin. Hij weet te vertellen dat de ene hop de andere niet is en dat er in Nederland, waar het aantal kleine bierbrouwerijen de afgelopen jaren een enorme vlucht heeft genomen, nauwelijks hop van eigen bodem te verkrijgen is. Een gat in de markt: wie springt er in?

 

Het pad gaat langs struikgewas met de laatste niet meer smakelijke braampjes. Onder de struiken stobbezwammetjes, die ik liever laat staan, vanwege de gelijkenis met flinke giftige soorten. Daar een ‘pornozwam’, die het altijd goed doet op excursies. De werkelijke naam van deze sterk op een stevige penis lijkende paddenstoel - phallus impudis - is grote stinkzwam: je ruikt hem vaak eerder dan dat je hem ziet. Niet lekker zou je zeggen, maar er zijn paddenstoelplukkers die de hele jonge stinkzwammen, wanneer ze nog in een ei zitten, graag leegslurpen. Ik zou dat ook nog eens moeten willen.

 

‘Zijn dat geen oesterzwammen?!’ wordt er geroepen bij een stammetje op de grond, vlak voordat het pad de hoek om slaat.

 

In ieder geval al íets substantieels om in het mandje te doen.

Verboden jeneverbessen

Al snel blijkt dat we in een plukkers-eldorado zijn beland, met vooral veel vruchten: massa’s rozenbottels en sleedoornbessen. En daar dan, niet te geloven! Op de rand van struikgewas en schraal weiland staan maar liefst drie jeneverbesstruiken. De enige beschermde struik van Nederland. Plukken van de bessen mag daarom ook niet. Voor deze ene keer hebben we toestemming, om ‘educatieve’ redenen. Je moet de donkerblauwe besjes hebben: de groene rijpen pas het volgende jaar. Het plukken is een priegelig karwij, waarbij ook nog eens de jeneverbesnaaldjes in je vingertoppen prikken.

 

Witte bolletjes

Via smalle uitgesleten holle weggetjes, brede bospaden, magnifieke doorkijkjes en een goudgeel beukenbos lopen we ongemerkt Duitsland in. Daar, vlakbij de oprijlaan naar een boerderij, groeit uit een boomstronk een wonderlijke bijna net niet echte tros spierwitte bolletjes: een groepje kraakverse parelstuifzwammetjes, waarvan de helft mee gaat in de mand. De andere helft is voor aanstaande wandelaars of andere langskomende organismen.

 

Twee parasolzwammen langs het pad maken de zin om de keuken in te gaan nog extra groot. Maar er rest nog een flinke tippel, over verharde Duitse weg, dan het bos weer in, langs een stuk heideachtig terrein. Zodra dat aan de bosrand grenst, daar eindelijk de zo vurig gewenste boleten. Geen eekhoorntjesbrood, maar wel familieleden kastanje- en berkenboleet.

Behalve heel smakelijk ook mooi onderwijsmateriaal voor lessen in paddenstoelen: alle boleten hebben onder hun hoed buisjes – in plaats van plaatjes, zoals onder veel andere paddenstoelen met hoeden (bijvoorbeeld vliegenzwammen). Het prettige is dat er in Nederland geen giftige boleten groeien. De bittere boleet is niet lekker, maar is ook niet giftig en de wel giftige satansboleet komt in Nederland vrijwel niet voor (voor de zekerheid: hij heeft een rode dikke steel).

 

Oerlekker Twents

Terug bij bij de Molen van Frans ontdekken we nog volle trossen met kloeke rijpe vlierbessen en blijkt een boomgaard met rondscharrelende schapen nog vol met superrijpe appels te hangen. Nog net passen er wat appels in de propvolle mand. In de workshopkeuken boven hotel-restaurant Droste’s wordt de hele oogst uitgestald en vervolgens gaan we met de ploeg in de keuken aan de slag, onder begeleiding van chef-kok Hans. Lijsterbessencompote en vlierbessencompote met brandewijn, eekhoorntjesbrood met Sint Jansrogge, rozenbottelsaus voor bij de amuse met wild zwijn en paddenstoelensaus voor bij de pasta van Sint Jansrogge. Met een biertje erbij, gemaakt met hop uit de tuin van de bierbrouwer. Terwijl inmiddels buiten het Twentse landschap in duister is gehuld, wordt er binnen smakelijk van gegeten en gedronken.

 
14 november 2013
vorige blog: wandelen-met-michiel-zaterdagse-parken-in-arnhem-en-elst
volgende blog: wandelen-met-michiel-grote-liefde-op-landgoed-twickel
 

Blijf op de hoogte van nieuwe blogs
Ik wil graag via e-mail op de hoogte gehouden worden wanneer er een nieuw blog geschreven is.
Naam:
Email address:
E-mailadres: