Recepten
 

Drentse Bosbessentaart

Drentse Bosbessentaart

 
  • 200 gram bloem
  • 100 gram suiker
  • 1/4 theelepel zout
  • 150 gram koude boter
  • 1/4 vanillestokje
  • eventueel paar eetlepels abrikozenjam
  • 40 gram suiker
  • 3 eierdooiers
  • 15 gram maïzena
  • 500 gram bosbessen
  • 2 1/2 deciliter melk

Maak zandtaartdeeg: zeef de bloem met het zout en de suiker, snijd met twee messen de koude boter erdoor in heel kleine stukjes. Kneed alles snel tot een bal en leg die minstens een uur in de koelkast, in folie of een plastic zak.

Verwarm de oven voor op 200 graden.

Maak intussen de banketbakkersroom: breng in een pan met dikke bodem de melk met het opengesneden vanillestokje en de helft van de suiker aan de kook en laat het tien minuten zachtjes trekken. Klop intussen de dooiers en de rest van de suiker bleek en dik. Zeef de maïzena erboven en roer het door het dooiermengsel. Haal het vanillestokje uit de hete melk en giet de melk in een straaltje al kloppend bij het dooiermengsel. Breng dat geheel vervolgens al roerende in een pannetje aan de kook. Laat het een paar keer ‘blup’ zeggen en vervolgens afkoelen (onder af en toe roeren).

Rol het deeg uit en bedek er een lage ingevette taartvorm mee. Bedek het met bakpapier. Doe hierop erwten of linzen (die je speciaal bewaart voor dit zogenaamde ‘blind’ bakken) en zet het een kwartier in de hete oven. Na tien minuten verwijder je het bakpapier met de peulvruchten en zet je het deeg nog eens tien minuten in de oven. Af laten koelen. Banketbakkersroom erover spreiden. Vervolgens de bosbessen. Voor een glanzend effect kun je er eventueel nog glazuur overheen doen: abrikozenjam met twee eetlepels water verwarmen tot de jam vloeibaar is en die voorzichtig over de bosbessen te verdelen.

print recept